boete op bedrijfsauto die door meerdere mensen gereden wordt
De boete gaat naar de kentekenhouder, niet naar de bestuurder
De boete gaat meestal naar degene op wiens naam de auto staat, ook als hij zelf niet heeft gereden. Bij een flitsboete of een andere kentekenboete kijkt de instantie niet wie er achter het stuur zat, maar wie in het kentekenregister staat als eigenaar of houder van de auto. Staat de bedrijfsauto op naam van de zaak, dan komt de boete dus bij de zaak terecht, zelfs als jij op dat moment niet reed maar een collega.
Dit voelt vaak onrechtvaardig, zeker als duidelijk is dat een ander achter het stuur zat. Toch is dit systeem bewust zo ingericht: bij kentekenboetes hoeft de instantie niet uit te zoeken wie er reed, dat scheelt onderzoek. Wil je hier iets tegen doen, dan kun je in het bezwaarschrift aangeven wie er wel reed. Belangrijk is dat dit meestal alleen werkt als je ook weet wie het wél was; kun je dat niet aantonen, dan verandert er meestal niets. Meer hierover staat bij ik was het niet, er reed iemand anders in mijn auto. Is de auto inmiddels van eigenaar gewisseld en komt de boete daardoor bij de verkeerde terecht, dan lees je meer bij ik heb mijn auto verkocht maar krijg nog boetes, wat kan ik doen?
Waar dit uit volgt: de Wahv
Deze regel volgt uit de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, ook wel de Wahv genoemd. Deze wet regelt de meeste verkeersboetes die met een brief op de mat komen, zoals flitsboetes. De wet legt de boete bij de houder van het kenteken, niet bij de bestuurder. Ben je het niet eens met de boete, dan geldt de bezwaartermijn van zes weken uit artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht. Die termijn begint te lopen vanaf de dag na de datum op de brief. Gaat het om een parkeerboete op eigen terrein of een naheffing van de gemeente, dan gelden net iets andere regels; kijk daarvoor bij hoe maak ik bezwaar tegen een parkeerboete of naheffingsaanslag parkeren?
Waar dit op gebaseerd is
- Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
- Algemene wet bestuursrecht, artikel 6:7 (de bezwaartermijn van zes weken)
De wetteksten staan op wetten.overheid.nl. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
De uitwerking per verplichting, met de termijnen die erbij horen en de sjablonen om het vast te leggen, zit in het abonnement.
Bekijk het abonnement Eerst de gratis quick-scanDit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.